Gouden bergen op de zeebodem

Diep in de Atlantische Oceaan is een wrak gelokaliseerd met een zilverschat van 152 miljoen euro, zo werd deze week bekend. Maar ook in onze eigen kustwateren liggen nog voor miljoenen aan goud en zilver in scheepswrakken. Tenminste, volgens de geruchten.

Bij onze eigen Noordzee zullen de meeste mensen niet denken aan woeste stormen, huizenhoge golven en schepen die zwaar in de problemen komen. Toch is de Noordzee een van de meest dodelijke zeeën ter wereld, vertelt Joop Coolen van Stichting Noordzee.

Er liggen dan ook duizenden wrakken in de Noordzee, weet Coolen. „Als het er geen honderdduizenden zijn. Omdat er ook veel oorlogen zijn uitgevochten, ligt de zeebodem bezaaid met oorlogswrakken. Het is een van de meest gebruikte zeeën ter wereld. En als het er stormt, kan het flink tekeer gaan met golven van tien meter hoog.”

Zandbanken
Vooral op de Waddenzee was het ook toen al lastig varen, met moeilijke winden, sterke stromingen en zandbanken die zich verplaatsen. Een van de schepen die het onderspit dolf tegen deze combinatie, was de Lutine. Dit Engelse fregat zonk in 1799, ergens tussen Terschelling en Vlieland. Aan boord: een goudschat met een waarde van twintig miljoen gulden, in die tijd een gigantisch fortuin. Een schat die trouwens een verrassend modern doel had: het moest naar Duitsland worden gebracht om daar banken te steunen en een beurscrash te voorkomen.

De Lutine verdween al kort nadat zij zonk onder een ‘wandelende’ zandbank, iets waar de Waddenzee berucht om is. Een halve eeuw later kwam ze plots weer tevoorschijn. Het goud dat toen werd opgedoken, vormde de basis van steeds grotere vissersverhalen. Op een gegeven moment werd er zelfs gefluisterd dat de Nederlandse kroonjuwelen aan boord zouden zijn geweest.

Dat soort verhalen gaan over wel meer wrakken, weet Coolen. Zo zou er in het wrak van de Tubantia, voor de kust van Zeeland, ook goud liggen. Hetzelfde geldt voor de Elbe, de ‘Titanic van de Noordzee’. De Elbe zonk in 1895 vlak voor de kust bij Scheveningen met meer dan driehonderdvijftig passagiers. In het schip vinden duikers nog steeds zilveren en porseleinen servies en er gaan geruchten dat er nog veel meer te vinden is.

Fantasie
Maar wat nou echt is en wat fantasie, weet je bij zeeschatten bijna nooit, vertelt Coolen. „Er zijn altijd geruchten over scheepswrakken vol goud en zilver. Maar wat daar van waar is, is moeilijk te achterhalen. Zo’n lading werd bijna nooit op de vrachtbrieven gezet, omdat dat piraten aantrekt. Verhalen zijn daarom vaak gebaseerd op verhalen van overlevenden, en worden groter naarmate de tijd verstrijkt.”

De Lutine had welgeteld één overlevende. Toch zijn er wat betreft dit schip sterke aanwijzingen dat er wel degelijk iets ligt daar, tussen Vlieland en Terschelling. Hoewel de archieven van Lloyds in vlammen opgingen, ging deze Engelse verzekeringsmaatschappij er in de negentiende eeuw vanuit dat het grootste deel van de twintig miljoen gulden nog op de zeebodem ligt. En tijdens de verschillende bergingspogingen in de afgelopen twee eeuwen werden er goudstaven en munten opgevist.

Als de schat van de Lutine ooit weer boven water komt, is het kassa voor de vinder, voorspelt Rene Lipman van het blad Duiken. „De meeste wrakduikers nemen een souvenirtje mee van hun duik, meestal iets kleins. Maar niets van het formaat dat de Lutine kan zijn.” En het zou plotseling kunnen gebeuren. „Zandbanken in de Waddenzee kunnen plotseling verschuiven en een wrak blootleggen. De Lutine kan dus zomaar tevoorschijn komen.”
Comments